Tilburg 1 speelt met de schotklok - de nieuwe regels
04-11-2009 19:40
Met ingang van het komende zaalseizoen speelt Tilburg 1 met een schotklok. In navolging van de korfballeague wordt er nu ook in een aantal andere klasses met deze schotklok gespeeld, waaronder dus ook de overgangsklasse.
Het spelen met een schotklok zal voor menig team een hele verandering zijn, maar ook het publiek zal moeten wennen aan een aantal nieuwe regels.
Elke wedstrijd van Tilburg wordt naast een aangewezen scheidsrechter (en eventueel een grensrechter) ook door de thuisspelende vereniging bemand met een jurytafel. Aan deze jurytafel zitten een juryvoorzitter, een tijdwaarnemer en een schotklokbediener. De tijdwaarnemer en schotklokbediener functioneren onder de jury. De juryvoorzitter kan bij twijfel of een fout overleggen met de scheidsrechter.
Onderstaand een korte samenvatting van de belangrijkste veranderingen / regels:
Samenvatting - Schotklok
-
De schotklok wordt gestart op 25 seconden als een aanvaller daadwerkelijk in het bezit van de bal komt. Het tikken van de bal telt niet.
-
De schotklok wordt stilgezet en op 25 seconden gezet als de bal het geel van de korf raakt (de paal zelf telt niet). De tijd loopt door zolang de bal in het bezit van de aanvallende partij is.
-
De schotklok wordt stilgezet en op 25 seconden gezet als een verdediger de bal in bezit heeft.
-
De schotklok wordt stilgezet en op 25 seconden gezet als er een doelpunt door de scheidsrechter wordt toegekend.
-
De schotklok wordt stilgezet en op 25 seconden gezet als de halve of de gehele speeltijd is verstreken.
-
De schotklok wordt stilgezet bij het fluitsignaal van de scheidsrechter voor een spelonderbreking, die niet bestraft wordt met een vrije worp of spelhervatting voor de aanvaller (bijvoorbeeld uitbal, scheidsrechtersworp of onbillijke bevoordeling). De schotklok wordt op de tijd die hij aangeeft weer aangezet (de tijd loopt als het ware door met een . De schotklok wordt weer aangezet na het influiten van de scheidsrechter, op het moment dat een aanvaller in het bezit van een bal komt.
-
De schotklok wordt stilgezet en op 25 seconden gezet bij het fluitsignaal van de scheidsrechter voor een overtreding die bestraft wordt met een vrije worp op de plaats van de strafworppunt of een strafworp. De schotklok wordt weer aangezet na het influiten van de scheidsrechter, op het moment dat een aanvaller in het bezit van een bal komt.
-
In het geval dat een aanvaller de bal terugspeelt naar een medespeler in het verdedigingsvak loopt de schotklok gewoon door en wordt deze niet opnieuw op 25 seconden gestart indien een aanvaller direct daaropvolgend in het bezit van de bal komt.
-
Blessurebehandeling van een aanvaller of verdediger m.b.t. schotklok.
a. De schotklok wordt stilgezet bij het fluitsignaal van de scheidsrechter voor een spelonderbreking als gevolg van een blessure van een aanvaller. De schotklok wordt op de tijd die hij aangeeft weer aangezet. De schotklok wordt weer aangezet na het influiten van de scheidsrechter, op het moment dat een aanvaller in het bezit van een bal komt.
b. De schotklok wordt stilgezet en op 25 seconden gezet bij het fluitsignaal van de scheidsrechter voor een spelonderbreking als gevolg van een blessure van een verdediger. De schotklok wordt weer aangezet na het influiten van de scheidsrechter, op het moment dat een aanvaller in het bezit van een bal komt.
Het scheidsrechtersgebaar voor het raken van de korf (indien de schotklokbediener het moeilijk kan zien of horen) is het opsteken van zijn rechterarm met een gebalde vuist.
Samenvatting - Tijd en Score
De eerste 25 minuten van de speelhelft (eerste en tweede helft):
De tijd wordt alleen stopgezet bij:
-
Wissel / spelersvervanging (de tijd, die voor een vervanging nodig is geweest, behoort niet tot de speeltijd.
-
Time-out
-
Op aangifte scheidsrechter (doormiddel van het daarbij behorende handgebaar, bijvoorbeeld bij blessures of een natte vloer).
-
Herstart de klok bij het influiten van de scheidsrechter na een time out, een wissel of blessurebehandeling.
De laatste 5 minuten van een speelhelft (eerste en tweede helft):
-
Iedere keer als de scheidsrechter fluit om de wedstrijd te stoppen, wordt de wedstrijdklok stil gezet. De tijd gaat weer lopen als de scheidsrechter fluit om het spel te hervatten.
-
Het nemen van de strafworp is hierbij een uitzondering. Bij een strafworp gaat de tijd weer lopen als de bal is aangeraakt door een speler na het missen van de strafworp of de tijd gaat lopen als de scheidsrechter fluit om de uitworp te nemen als er uit de strafworp gescoord is.
Aan het einde van de halve en de gehele speeltijd wordt een automatische tijdsignalering gebruikt (toeter, zoemer of bel).
Bron: cursusmateriaal KNKV.
Reacties (0)
Reageer