De nieuwe IKF-proved Mikasa-bal.
Sinds het onlangs georganiseerde EK korfbal is er door Mikasa en het IKF een nieuwe bal geintroduceerd. Uiteraard viel deze blauw/gele bal erg op en niet alleen vanwege de kleurstelling, maar ook vanwege het verbeterde baloppervlak (meer grip).
Nu verschijnt deze bal ook regelmatig op trainingen en bij wedstrijden als dé wedstrijdbal. Dan ontstaan er automatisch vragen en/of opmerkingen.
Mag er met die blauw/gele bal wel gespeeld worden?
Mogen wij als tegenstander deze bal als wedstrijdbal weigeren?
Ondergetekende dook hiervoor even de korfbalspelregels in en hoopte op een duidelijk antwoord, maar helaas, het KNKV spreekt zich enigzins tegen in de spelregels.
De bal moet tweekleurig zijn en dat is de Mikasa-bal.
De bal moet een duidelijk patroon bezitten en dat bezit de Mikasa-bal.
De bal moet een IKF certicering hebben en dat heeft de Mikasa-bal.
Tot zover zijn alle regeltjes in het voordeel van de nieuwe Mikasa-bal.
Helaas staat er ook in de spelregels dat er 'bij voorkeur' met een zwart/witte bal gespeeld moet worden.
Hoe dwingend zijn de woorden 'bij voorkeur' . Wie het weet mag het zeggen?
John
Onderstaand de bijbehorende artikelen uit het spelregeboekje (bron: www.knkv.nl)
§ 1.5 Bal
Er wordt gespeeld met een ronde bal nr. 5 van een type, dat is goedgekeurd door de IKF. De buitenkant van de bal bestaat uit leer of uit een ander goedgekeurd materiaal, dat geen gevaar oplevert voor de spelers. Het oppervlak van de bal behoort niet glad te zijn; de spelers moeten een goede grip op de bal hebben, bijvoorbeeld door de naden van de bal. Op het oppervlak van de bal behoort de marge te worden aangegeven waarbinnen de druk van de bal, afhankelijk van het gebruikte materiaal, zich moet bevinden. De druk behoort te worden aangegeven in bars; een extra aanduiding in “pounds per square inch” is toegestaan. Wanneer kunststof wordt gebruikt moet de buitenkant van de bal in alle opzichten een volwaardige vervanger zijn van leer. De IKF bepaalt steeds welke materialen worden goedgekeurd. Deze materialen krijgen een goedkeuringscertificaat.
De bal is tweekleurig en bij voorkeur zwart-wit; de omtrek bedraagt 68,0 - 70,5 cm. Het gewicht van de bal mag niet minder dan 445 g en niet meer dan 475 g bedragen. De bal moet zijn opgepompt tot de voorgeschreven en op de bal aangegeven druk zodat - wanneer men de bal op het speelveld laat vallen van 1,80 m hoogte, gemeten vanaf de onderkant van de bal - deze behoort te stuiten tot een hoogte van ten minste 1,10 m en ten hoogste 1,30 m, gemeten vanaf de bovenkant van de bal.
Onder een tweekleurige buitenbal wordt verstaan een bal waarop een patroon is aangebracht in een van de grondkleur van de buitenbal afwijkende kleur. Dit patroon moet zodanig symmetrisch zijn aangebracht, dat bij een draaiende beweging van de bal het visuele effect van de ronde vorm niet verloren gaat.
Een wedstrijdreglement kan voorschrijven of toelaten dat in wedstrijden voor jonge spelers met een bal nr. 4 (omtrek 64,0 - 66,0 cm; gewicht 370 - 390 g) wordt gespeeld en dat in wedstrijden met zeer jonge spelers met een bal nr. 3 (omtrek 59,0 - 60,0 cm; gewicht 310 - 330 g) wordt gespeeld. Nationale organisaties kunnen voorschrijven dat in hun competitiewedstrijden moet worden gespeeld met een door de IKF goedgekeurde bal met de aanduiding “IKF Approved” of “International Match Standard”.
Bij internationale wedstrijden moet gespeeld worden met een bal met de aanduiding “International Match Standard”
Vragen en antwoorden:
1. Mag bij een veldwedstrijd nog steeds een éénkleurige bal worden gebruikt?
Antwoord: Neen. Voor zowel de zaal als het veld geldt sinds 1 juli 2007: een tweekleurige bal.
2. Is een bal met een streep of met strepen toegestaan?
Antwoord: Neen. De toelichting op § 1.5 van de spelregels geeft aan dat onder een “tweekleurige buitenbal” wordt verstaan een bal, waarop een patroon is aangebracht in een van de grondkleur van de buitenbal afwijkende kleur. Dit patroon moet zodanig symmetrisch zijn aangebracht, dat bij een draaiende beweging van de bal het visuele effect van de ronde vorm niet verloren gaat. In het Handboek Scheidsrechters staat op blz. 86 nog ter toelichting: “ballen, die bestaan uit gekleurde strepen, zijn echter niet toegestaan; deze ballen veroorzaken bij draaien een zodanig effect dat de bal niet meer rond lijkt”. Het gaat dus om een symmetrisch patroon op de bal. Strepen voldoen niet aan die eis. Maar opgelet: het oordeel hierover ligt niet bij de scheidsrechter, maar bij de instantie, die de bal moet keuren: de IKF. Is dat het geval, dan dient er op de bal “IKF-approved” te staan. Met een door de IKF goedgekeurde bal (met het stempel “IKF-approved”) daarop dient altijd te worden gespeeld, ook als de scheidsrechter zou menen dat niet aan één of meer eisen wordt voldaan. Staat het stempel er niet op, dan mag er niet mee worden gespeeld (ook als de scheidsrechter zou menen dat aan de eisen wordt voldaan).
3. Is het toegestaan met een oranje/rode bal te spelen?
Antwoord: Ja. Op grond van § 1.5 van de spelregels is de bal tweekleurig, bij voorkeur zwart-wit. verder moet er een patroon op zijn aangebracht. Zie hierboven vraag/antwoord 2.
4. Als je de bal op het speelveld laat vallen van een hoogte van 1.80 m, gemeten vanaf de onderkant van de bal, behoort de te stuiten tot en hoogte van ten minste 1.10 en ten hoogste 1.30 m, gemeten vanaf de bovenkant van de bal. Als je het probeert op grasveld zal geen enkele bal aan de eis voldoen. Hoe is het geregeld?
Antwoord: In § 1.5 van de spelregels staan de eisen. Deze spelregel geldt voor de zaal en dus voor de zaalvloer. In de spelregels voor veldkorfbal wordt verwezen naar die voor zaalkorfbal. Dat betekent dat de proef op een zaalvloer of op een vergelijkbare ondergrond moet worden gedaan. Dus niet op het gras (en bij beachkorfbal niet op het zand).
5. Mag een scheidsrechter een KL-bal weigeren?
Antwoord: Een scheidsrechter mag alleen een bal weigeren waarop het stempel “IKF-approved” ontbreekt. Aannemende dat een dergelijk stempel op een KL-bal is vermeld mag een scheidsrechter zo’n bal niet weigeren.